Antipasti zijn koude of warme voorgerechtjes bedoeld om je eetlust op te wekken. De keus in antipasti is net zo groot als de fantasie van La Mamma die ze bereidt. Dit kan varieren van een paar plakken parmaham op geroosterd witbrood dat rijkelijk begoten is met olijfolie en bestrooid met grof zout. Tot groenten ingelegd in azijn, olie of zout. Populaire eenvoudige voorbeelden zijn vleeswaren zoals plakjes ham, salami of mortadella op schaal. Een salade van zeevruchten, gemarineerde mosselen. Crostini of Bruschette; stukjes geroosterd brood met verschillend beleg.
Primi zijn de warme voorgerechten. Pasta is in Nederland veelal een hoofdgerecht, in Italië is het echter een van de “primi”. Pasta is er in alle soorten en maten. De verhalen over de herkomst van de pasta lopen nogal uiteen. Er zijn zo’n 300 verschillende soorten bekend. Elke regio kent zijn eigen vormen en maten met bijbehorende vulling of saus. De vorm van de pasta heeft namelijk invloed op de soort saus. Vind je een heel bord te veel, dan is het in Italië heel gebruikelijk om een halve portie te bestellen.
Secondi zijn de hoofdgerechten. Deze bestaan uit vlees of vis. In Nederland krijg je bij een hoofdgerecht meestal automatisch groenten en aardappelen als ‘bijgerecht’ geserveerd. In Italië zal je deze “contorni” (bijgerechten), mocht je hier nog trek in hebben, apart moeten bestellen. Het brood dat je bij de meeste maaltijden geserveerd krijgt, is bedoeld om ook het laatste heerlijke restje van je bord te vegen.
De zoete nagerechten voor als je nog niet verzadigd bent. Deze gang kan ook bestaan uit een kaasplateau, fruit van het seizoen of een vruchtensalade.